Thyristoren

Hieronder vind je: kenmerkende waarden , thyristor , thyristortester , thyristorsturing , triac , dimmer , choppersturing.

Belangrijkste kenmerkende waarden:
- de toegelaten gemiddelde en effectieve stroom (let op: dit is afhankelijk van de aanwezigheid / soort / grootte / bevestiging op een koelplaat: IT(AV) en IT(RMS
- de toegelaten voorwaartse en inverse spanning
- de toegelaten dI/dt
- de latchstroom en de houdstroom
- de stuurspanning en stroom

Thyristor, in doosje gebouwd met smeltveiligheid, snubbernetwerk, en een beveiliging in het poortcircuit.

Enkele g

Ig=8Acontinuous (70C case temperature), IGT (gate trigger current) = typ. 5mA,
VDRM (repetitive peak off-state voltage) = 800V, VRRM (repetitive peak reverse voltage)=800V,
IH (holding current) = max. 40mA,
RθJC (junction to case thermal resistance)= 2 C/W RθJA (junction to ambient thermal resistance)=62,5 C/W

gaan


Enkele uitvoeringsvormen:
Links onder een (niet-koelbare) T0-92 uitvoering (tot 0,5A); daarnaast een TO-220 uitvoering die op een koelplaat kan geschroefd worden (tot ca 10A); daarnaast een schroefmodel dat op een 'radiatorkoelplaat' kan geschroefd worden zoals de rechtse thyristor. De koelplaat staat op anodepotentiaal, de gevlochten kabel is de kathode-aansluiting. De getwiste witte en rode draad zijn de gate- en kathodeaansluiting voor de sturing. Links boven zie je nog een modulevorm waarin 2 thyristoren zitten.

Thyristortester:


Sluit links de netspanning en rechts de te testen thyristor aan. Na het opzetten van de schakeling mag het groene ledje niet branden (anders ligt de thyristor kortgesloten). Indien je op het grijze drukknopje drukt moet het groene ledje branden (anders is de thyristor onderbroken alhoewel hij gestuurd is).


naar begin document


Thyristorsturing
Met deze module kunnen 2 thyristoren (K1,G1 en K2,G2) gestuurd worden, met een hoekverschil van 180.
Links sluit je de spanning aan waarop de pulsen moeten gesynchroniseerd zijn (= voeding van de schakeling): van deze spanning wordt een synchrone zaagtandspanning gemaakt. Deze wordt links onderaan vergeleken met de instelling van een potmeter: deze kan ingesteld worden van minimum tot maximum van de zaagtandspanning. Als de zaagtandspanning bij het stijgen de potmeterspanning passeert, wordt een puls gegenereerd: vermits dit gebeurt bij de positieve en bij de negatieve helft van de synchronisatiespanning, zullen er 2 pulsen gegenereerd worden, 180 verschoven t.o.v. mekaar. De tuimelswitch onderaan stelt in of je een naaldpuls of een treinpuls als uitgang wil. Deze pulsen worden versterkt en via de (groene) pulstransfootjes doorgegeven naar de uitgang. De pulstransfootjes vormen een galvanische scheiding en een dosering (een aantal Vs) voor de impulsen.

naar begin document

De kern van de sturing is een IC van het type TCA785 van Siemens.

Hierin herken je de nuldoorgangsdetector, de zaagtandgenerator (stroombron met condensator en onladingstransistor), de comparator van de zaagtandspanning met de stuurspanning (potmeter die de stuurhoek bepaalt) en de logica die hieruit de onderstaande signalen afleidt.

Van boven naar onder vind je: de synchronisatiespanning, de zaagtandspanning met de stuurspanning, de 2 uitgangspulsen.

Triac
Dit doosje is te vergelijken met het eerste waarbij de thyristor vervangen werd door een triac. Let op de klembenamingen!
Enkele gegevens van het type TIC226N:
VDRM=800V
IRMS full cycle = 8A
IH= 30mA typ (afh. van richting)
IL = 40mA typ (afh. van richting)
dv/dt= 500s; tijdens commutatie: 5V/s

naar begin document


Dimmer
Een dimmer is voor de kleinere stroomgrootten een triac met sturing. Voor de grotere stroomgrootten en ook voor inductieve zaken worden meestal 2 thyristoren in antiparallel gebruikt.

 

naar begin document


Choppersturing
De choppersturing stuurt op een vaste frequentie de hoofdthyristor aan. Met de draaiknop kan de tijd tussen het aansturen van de hoofdthyristor en de doofthyristor ingesteld worden.

 

 

naar begin document