Machinegroep 6

Bovenaan:  weerstandslast

Op frontplaat: bedieningskast DC-last   -   aanwijsplaat koppelmeter   -   kast met hoofdschakelaar (130/220V)

Boven machines: bedieningskasten van de machines.

As van links naar rechts: DC-machine - koppelmeter - synchrone machine - dahlandermotor.

 


DC-machine:
kenplaatgegevens:
Gen. 4,5kW    230V    19,5A    1500t/min
Mot. 3,4kW    220V    18A    1500-2500t/min
Ex. 220V    0,65A

aansluitkast:

klemmen A1-B2: anker- en hulppoolwikkeling, beveiligd met automaat. Er is een op-hol-slaan-beveiliging aanwezig. Deze wordt ingeschakeld door de hoofdschakelaar čn door de automaat links van deze kast in te schakelen: dit lukt alleen indien het ledje op de module in de kast uit is.

klemmen D1-D2: de (zwakke) seriewikkeling

klemmen E1-E2: de shuntwikkeling


Op het linkeruiteinde van de as is een detectie voor het op hol slaan bevestigd. De beveiliging zelf is in de kast van de DC-machine gebouwd.

 

 

 

 

naar begin document


Koppelmeter: is van het torsietype.
Kenplaatgegevens: 50Nm    350ohm    1,5mV/V

Hij is met 2 tandwielkoppelingen verbonden met links de DC-machine en rechts de synchrone machine. Het zwarte hendeltje laat toe de borstels van de koppelmeter op te lichten zodat deze niet onnodig afslijten.

 

naar begin document


Versterker: de koppelmeter wordt gevoed en uitgelezen via een versterker (ingeschakeld d.m.v. de hoofdschakelaar).

Het bedieningskastje laat toe de nulinstelling in het begin of het midden van de schaal te plaatsen (Position zero), en deze af te regelen (Set zero). De polariteit van aanwijzen kan veranderd worden (Polarity). De schaal kan geplaatst worden op volle schaal: 10Nm, 20Nm of 50Nm (Scale). Let op: indien de nul in het begin van de schaal staat is dit bv een schaal van 0 tot 10Nm; indien de nul in het midden van de schaal staat is dit van -10Nm .. 0 .. 10Nm. Tevens is een analoge uitgang voorzien.
naar begin document


De synchrone machine.
Kenplaatgegevens:
3,5kVA    400V    5,1A    1500t/min    cosφ 0.8I  Ex. 110V/2.2A
3kW    380V    6,1A    1500t/min    cosφ 0.9C    Ex. 110V/2.0A

De sturing wordt ingeschakeld d.m.v. de hoofdschakelaar. Je kan de machine in ster schakelen, (na een kleine wachttijd) in driehoek, en (na een kleine wachttijd) kan je de bekrachtiging inschakelen. Je kan ze gebruiken als generator of als motor. Bij het aanlopen als motor (in ster en in driehoek, zonder bekrachtiging) zal een ingebouwde Leblanc-wikkeling zorgen voor de asynchrone aanloop.
De 3-fasige aansluiting staat op het frontdeksel, terwijl op de onderste zijkant de bekrachtingswikkeling bereikbaar is. De linkse grijze klemmen (uitgang voeding van bekrachtiging) zijn normaal verbonden d.m.v. bruggetjes met de rechtse bruine klemmen (de wikkeling). Een Logo-module zorgt voor de wachttijden bij het inschakelen; met een solid-state-relais (met instelbare fasehoek) wordt de bekrachtiging geregeld.
naar begin document


Dalhandermotor.
Kenplaatgegevens: 0.6/0.85/2.4 kW   3x220V  Y/Y/YY  5/5,2/9,3A   725/980/1445 rpm  .59/.66/.86 cosφ

De sturing wordt ingeschakeld met de hoofdschakelaar. L1, L2 en L3 zijn de voedingslijnen naar de motor toe, geschakeld via enkele contactoren. De dahlandermotor heeft 3 toerentallen, beveiligd met 3 thermische overbelastingsrelais (zie links in de kast) . Bovendien zijn in de 2 wikkelingen (Y en Y/YY) PTC-weerstanden ingebouwd. De 2 rechtse relais in de kast controleren de weerstand van deze sensoren: indien de wikkelingen te warm worden en de weerstand tot een bepaalde grens verandert, zullen de relais de motorvoeding uitschakelen.

naar begin document