Vergelijking van de meettoestellen van het labo
 
Hoe je toestel te kiezen?
1. Het meetprincipe bepaalt welke waarde van het signaal je meet
    - de gemiddelde waarde kan je op alle toestellen op DC-bereik meten 
    - op AC-bereik is er wel een verschil afhankelijk van het meetprincipe
2. Wil je de effectieve waarde meten van AC-signalen met zeer lage of hoge frequentie?
3. Is het nodig dat je voltmeter een zeer hoge ingangsweerstand heeft?
4. De resolutie en de update-snelheid van de display kan een belangrijke item zijn.
5. Welke nauwkeurigheid heb ik nodig voor deze meting?
6. Bij vervormde signalen moet je steeds opletten: niet alleen het meetprincipe is van belang maar ook de crestfactor.
 
 
 
meetprincipe
 
freq.bereik op AC
 
ingang
U-bereik
display
 
Basisnauw-keurigheid DC
Basisnauw-keurigheid AC
 
Fluke 73
 
Gemiddelde waarde
 
45Hz 1kHz
 
>10MW
 
Dig:3200 counts update 2,5/s
Anal: 32 segm. Update 25/s
 
+/-(0,4% rdg + 1d)
 
+/-(2% rdg + 2d)
 
Norma 1214
 
 
Gemiddelde waarde
 
40Hz 400Hz
 
10 MW
 
3 digit
update 2,5/s
 
+/-(0,4% rdg + 1d)
 
+/-(1,5% rdg + 3d)
 
Ganzuniv
 
 
Gemiddelde waarde
 
25Hz 1kHz
 
Ca 3,33 kW/V
 
Analoog
(draaispoel)
 
+/- 1% einde schaal
 
+/- 1,5% einde schaal
 
Fluke 110
 
RMS
50Hz-500Hz op AC: >5MΩ
op DC: >10MΩ
Dig: 6000 digits update 4/sec
Anal: 33 segmenten update 40/sec
+/- (1%rdg + 3 digits) +/- (0,7%rdg + 2 digits)
 
CA Max 1000
 
TRMS
 
0Hz
16 500Hz
 
2 MW
 
Dig 3000 punten
Update 2/s
Anal 60 segm.
Update 8/s
 
+/-(0,5% rdg + 0,4% einde schaal)
 
+/-(1% rdg + 0,4% einde schaal)
 
Siemens Multizet
niet meer gebruikt
 
TRMS
 
0-150Hz
 
<100V: 16,6 W/V
>100V: 200 W/V
 
Analoog
(weekijzer)
 
+/- 1,5% einde schaal
 
+/- 1,5% einde schaal
 terug naar begin document

Ganzuniv

Dit is een draaispoelinstrument: de uitwijking van de naald wordt veroorzaakt door de BLI-regel waarbij een spoeltje, doorlopen door de te meten stroom I,  gaat draaien in een constant magnetisch veld met inductiedichtheid B. Gevolg is dat de uitwijking evenredig is met de BLI-kracht dus ook met de  gemiddelde waarde van de stroom.
Bovenaan vind je de aansluitklemmen: voor alle bereiken behalve het 30A-bereik gebruik je de 2 linkse klemmen; voor het 30A-bereik gebruik je de 2 buitenste klemmen. Onderaan vind je de keuzeknoppen DC/AC en voor DC de +/-. Het meetinstrument is op 2 manieren beveiligd: een ingebouwde smeltveiligheid F6,3A en een overbelastingsmechanisme waarvan je de reset-knop links naast de keuzeschakelaar vindt.
Wegens de niet-lineaire schaal op het ohm-bereik zullen weerstandsmetingen altijd met digitale meetinstrumenten gebeuren. Analoge toestellen gebruiken wij voor stroommetingen en voor spanningsmetingen waar een lagere ingangsweerstand nuttig is (zie: spanningsmeting)
terug naar begin document


Fluke 70

De Fluke 70-reeks zijn van het 'averaging'-type: zij meten op basis van de gemiddelde waarde. Op AC betekent dit dat zij gekalibreerd zijn voor sinusvormige wisselsignalen.
Vermits, wegens de hoge kortsluitstromen, in het labo geen stroommetingen gebeuren met digitale toestellen, kiezen wij indien mogelijk multimeters zonder stroombereik.







terug naar begin document


Fluke 110

De Fluke 110 is een RMS-meter of een AC-gekoppelde TRMS-meter. R(oot) M(ean) S(quare) of de wortel van het gemiddelde van het kwadraat betekent dat deze meter echte effectieve waarden kan meten, ongeacht het signaal. Let wel op: AC-gekoppeld betekent dat de DC-componenten van het signaal niet worden meegemeten.
 

 

 

terug naar begin document


Chauvin Arnoux van het MAX-type

Dit is een DC-gekoppelde TRMS-meter: hij meet de DC-component op het AC-bereik wel mee.
Let op: zeer lage frequenties worden niet juist gemeten met dit meetinstrument.
 

 

terug naar begin document